ZAKBOEK STRAFVORDERING HULPOVJ 2022

Voorwoord / Actualiteitenoverzicht / Inhoudsopgave

 

Voorwoord

 

Voor hulpofficieren

Het zakboek (32e editie) bevat een handzame, overzichtelijke, betrouwbare en praktijkgerichte bespreking van onder meer:

-     de verdachte, waaronder zijn rechten en plichten (inclusief consultatierecht en het recht op verhoorbijstand);

-     bevoegdheden uit het Wetboek van Strafvordering (inclusief bijzondere opsporingsbevoegdheden);

-     bevoegdheden uit bijzondere wetten, zoals de

o  Algemene wet bestuursrecht;

o  Wegenverkeerswet;

o  Wet wapens en munitie;

o  Opiumwet;

o  Wet op de economische delicten;

o  Wet op de lijkbezorging;

o  Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg;

o  Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten;

o  Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften;

-     onderdelen uit het Privaatrecht.

Zie voor een compleet overzicht de inhoudsopgave van dit zakboek.

 

Tabellen en stappenschema's

De dwangmiddelen zijn waar mogelijk in tabellen samengevat. Tevens zijn twee stappenschema’s toegevoegd: ibn (6.44) en doorzoeken ter ibn (6.45).

 

Praktijkgericht

Door verwerking van jurisprudentie, Kamerstukken en literatuur worden dagelijks voorkomende praktijkvragen besproken en beantwoord. Alle antwoorden op de vele vakvragen die de auteur de afgelopen decennia heeft ontvangen zijn voor zover van belang verwerkt in dit zakboek. En dat geldt natuurlijk ook voor de ervaringen die de auteur als politieambtenaar en OvJ heeft opgedaan. Voor lezers die meer diepgang in de behandelde stof zoeken, wordt in ruim 2200 voetnoten verwezen naar jurisprudentie, Kamerstukken en literatuur.

 

Ook voor specialisten in de opsporing

Door de diepgang van de bespreking en verwijzingen is dit zakboek ook zeer geschikt voor specialisten in de opsporing.

 

Actualiteitenoverzicht en register

Regelgeving, literatuur en jurisprudentie in dit zakboek zijn bijgewerkt tot 20 januari 2022. Zie voor de verwerkte actualiteiten het hierna volgende actualiteitenoverzicht voor in dit zakboek. Het overzicht wordt maandelijks geactualiseerd voor de abonnees op navigator.nl van WoltersKluwer (zie hierna). Het zakboek is voorzien van een omvangrijk register.

 

Kwaliteit, tijdwinst en voorkoming vertraging

In het zakboek worden veel tips gegeven voor het opsporingsonderzoek, het proces-verbaal en de beoordelaars van dat proces-verbaal. Het opvolgen van deze tips zal de kwaliteit van werken verbeteren, tijdwinst opleveren in het vervolg van de keten en vertraging door bijv. herstelwerkzaamheden voorkomen.

 

Speciaal zakboek voor overige opsporingsambtenaren

Voor de overige opsporingsambtenaren is er het zakboek Strafvordering en Strafrecht: een afgeslankte versie van de zakboeken Strafvordering en Strafrecht voor de Hulpofficier in één boek.

 

Overige zakboeken

Zie voor de overige zakboeken pagina 3 van het kaft van dit zakboek, WoltersKlu­wer.nl/poli­tie of zakboekenpolitie.com.

 

Zakboeken ook verkrijgbaar als e-book en maandelijks online geactualiseerd

Alle zakboeken zijn voor politie en justitie digitaal te raadplegen via de inter­ne kennissystemen (link naar WoltersKluwer Navigator) en worden maandelijks geactualiseerd (geen actualisatie zakboek Pv en Bewijsrecht).

 

Met dank voor de gegeven verbetertips aan:

-     Kees van den Pol, inspecteur van politie en financieel rechercheur, Eenheid Zeeland-West-Brabant;

-     Renate Warries, Politieacademie, coördinator/strafrechtjurist Juridisch Blauw;

-     Victor Hartog, Politieacademie, strafrechtjurist Juridisch Blauw.

Bijzondere dank is de auteur verschuldigd aan Rob van Dartel, officier van justitie. Van Dartel heeft de auteur de afgelopen jaren van veel verbeterpunten voorzien, is een kritisch en behulpzaam sparringpartner en heeft vele hoofdstukken compleet en diepgaand gescreend. Van Dartel is auteur van het zak­boek Pv en Bewijsrecht.

 

Verschijningsfrequentie zakboeken

Alle zakboeken verschijnen jaarlijks eind februari, het zakboek Proces-verbaal en Bewijsrecht tweejaarlijks.

 

Verbetertips

Mocht U verbetertips hebben voor de zakboeken dan verneem ik die graag, U kunt ze mailen naar mgmhoekendijk@zakboekenpolitie.com. Tips die verwerkt worden in de zakboeken worden tot nader order beloond met een gratis zakboek naar keuze (incl. verzending).

 

20 januari 2022

Mike Hoekendijk

 

 

Overzicht verwerkte actualiteiten

 

Hierna worden kort de belangrijkste actualiteiten vermeld zoals verwerkt in deze nieuwe editie van het zakboek. Daarbij wordt verwezen naar de paragraaf waarin de actualiteit besproken wordt.

 

Wet- en regelgeving

-           Versterking strafrechtelijke aanpak ondermijnende criminaliteit (Stb. 2021, 544, deels in werking: Stb. 2021, 638)

o  Strafbaarstelling wederrechtelijk verblijf op besloten plaats voor distributie, opslag of overslag van goederen (art. 138aa Sr, datum inwerkingtreding 01-01-22, zie zakboek Sr 5.15).

o  Uitbreiding vh-misdrijven (art. 67,1 Sv) met art. 138aa Sr (datum inwerkingtreding 01-01-22) (zie 4.7).

o  Wijziging onderzoek naar vermogen veroordeelde (datum inwerkingtreding 01-07-22) (zie 6.30).

o  Bevriezing door opsporingsambtenaar in afwachting komst deurwaarder bij inning van geldboetes en schadevergoedingsmaatregelen (art. 6:4:3 lid 2 Sv, datum inwerkingtreding 01-07-22). Zie voor bevriezing bij ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel 6:4:9 Sv.

o  Verplichting tot vergoeding kosten vernietiging voorwerpen die ernstig gevaar opleveren voor leefomgeving of volksgezondheid (art. 56a WWM en art. 13d Opium­wet) (zie resp. 11.19 en 11.21, datum inwerkingtreding onbekend).

o  Strafverzwaring bedreiging en strafverzwaring bedreiging indien gepleegd tegen Minister, Staatssecretaris, commissaris van de Koning, gedeputeerde, burgemeester, wethouder, lid van een algemeen vertegenwoordigend orgaan, rechterlijk ambtenaar, advocaat, journalist of publicist in het kader van nieuwsgaring, ambtenaar van politie of Boa (art. 285 Sr, datum inwerkingtreding 01-03-22, zie zakboek Sr 14.8).

3.25  Wetsvoorstel geweldsaanwending opsporingsambtenaar
Met daarin onder meer een strafuitsluitingsgrond voor opsporingsambtenaren die geweld hebben gebruikt in de rechtmatige uitoefening van hun taak (art. 42 Sr) en een nieuwe strafbepaling (schuldschending geweldsinstructie: art. 372 Sr). Opsporingsambtenaren krijgen niet meer het stempel van verdachte opgeplakt bij onderzoek naar geweldgebruik. Daarvoor in de plaats komt een feitenonderzoek, dat uitgaat van rechtmatig optreden.

3.54 Nieuw art. 551a Sv

         Ontruimen na kraken (datum inwerkingtreding onbekend).

4.7    Uitbreiding 67,1-misdrijven

-      Art. 138aa Sr (wederrechtelijk verblijf op besloten plaats voor distributie, opslag of overslag van goederen) (datum inwerkingtreding 01-01-22).

-      Art. 138c Sr (overnemen opgeslagen niet-openbare gegevens) (datum inwerkingtreding 01-05-21).

-      Art. 140 lid 2 Sr (voortzetting verboden criminele organisatie) (datum inwerkingtreding 01-01-22).

-      Art. 372 Sr (schuldschending geweldsinstructie) (datum inwerkingtreding onbekend).

4.41  Aanhouden voorwaardelijk invrijheidgestelde (art. 6:2:13b Sv)
Datum inwerkingtreding 01-07-21.

 

Jurisprudentie

2.3    Verborgen ruimte in auto

-      Verdachte was voor een controle staande gehouden en kon geen rijbewijs tonen. Vervolgens werd verdachte gefouilleerd (identiteitscontrole). 'Bij het kijken in de auto of zich daar documenten bevonden is door één van de verbalisanten gezien dat het zijpaneel van het bestuurdersportier los zat en dat er schroeven ontbraken. Op dat moment ontstond het vermoeden dat sprake was van een verborgen ruimte waarin mogelijk contrabanden, zoals drugs, werden verstopt. Het is een feit van algemene bekendheid dat op deze wijze nogal eens verdovende middelen worden vervoerd. Daarmee bestond op basis van art. 96b Sv vervolgens de bevoegdheid om de auto te doorzoeken'.
Rb Rotterdam 01-06-21, ECLI:NL:RBROT:2021:8754.

-      Tijdens onderzoek technische staat voertuig werd door een raam een metalen strip over de gehele breedte van de laadruimte gezien. Ambtshalve was bekend dat een achteraf gemonteerde metalen strip op deze locatie veelal bedoeld is om een naad af te schermen waarmee de deksel van een verborgen ruimte aansluit op de laadvloer. Daarnaast werden in de laadruimte afwijkingen in de stoffen bekleding geconstateerd. Hierdoor ontstond het vermoeden dat er in het voertuig een verborgen ruimte zat. Doorzoeking niet onrechtmatig.
Rb Rotterdam 13-09-21, ECLI:NL:RBROT:2021:9096.

-      Voor onttrekking aan het verkeer van een voertuig met een verborgen ruimte moet vast komen te staan dat er een relatie is met een concreet strafbaar feit (alleen het aanwezig zijn van zo'n verborgen ruimte is onvoldoende).
Conclusie PG, ECLI:NL:PHR:2021:1088.

2.6    Meedelen strafbaar feit

De informatie over de redenen voor aanhouding en over het feit van verdenking mag op het moment van verstrekking nog globaal van aard zijn. Het verdient aanbeveling in het pv van aanhouding de aan de verdachte medegedeelde reden van aanhouding precies te vermelden. De enkele vermelding van een artikelnummer zal doorgaans niet voldoende zijn, een wettelijke of gangbare kwalificatie (bijv. ‘oplichting’ of ‘inbraak’) kan dat wel zijn.

HR 20-04-21, ECLI:NL:HR:2021:593 (met noot Vellinga in NJ 2021/218.

2.6    Rechtsbijstand verdachte in buitenland

Als i.v.m. een Nederlands rechtshulpverzoek of een door Nederland uitgevaardigd onderzoeksbevel het verhoor van een verdachte plaatsvindt in een andere EU-lidstaat onder verantwoordelijkheid van buitenlandse autoriteiten en verdachte wordt bijgestaan door een advocaat uit het land waar het verhoor plaatsvindt, heeft verdachte geen recht om voorafgaand en tijdens dat verhoor te worden bijgestaan door een Nederlandse advocaat.
HR 22-06-21, ECLI:NL:HR:2021:962.

2.6    Gefi­nan­cierde rechtsbijstand voor minderjarige verdachte
Ook een niet-aangehouden minderjarige verdachte heeft recht op gefi­nan­cierde rechtsbijstand door een advocaat.
Rb Amsterdam 09-11-21, ECLI:NL:RBAMS:2021:6411.

2.8    Geen verhoor verdachte
De vragen 'of hij spullen bij zich had welke hij niet bij zich mocht hebben' en 'of hij verdovende middelen bij zich had', omdat deze vragen niet gaan over de betrokkenheid van de verdachte bij een strafbaar feit ten aanzien waarvan hij als verdachte was aangemerkt, betroffen geen verhoor. Op het moment dat de opsporingsambtenaren deze vragen aan de verdachte stelden, bestond er (nog) geen redelijk vermoeden van schuld ter zake van het aanwezig hebben van verboden spullen in het algemeen of van overtredingen van de Opiumwet, omdat deze opsporingsambtenaren niet meer hadden geconstateerd dan dat de verdachte zich zonder redelijk doel ophield bij een portiek. Dat de opsporingsambtenaren de verdachte daarbij meenden te herkennen als een hun ambtshalve bekende drugsgebruiker of -dealer maakte dit niet anders.

         HR 15-06-21, ECLI:NL:HR:2021:853.

2.15  Na bevel ophouden onderzoek naar huis sturen van minderjarige verdachte om thuis de nacht door te brengen en zich de volgende dag weer te melden voor verhoor
Niet onrechtmatig.
Hof Amsterdam 16-12-21, ECLI:NL:GHAMS:2021:3985.

2.18  Gedwongen medewerking aan eigen veroordeling
Verdachte heeft niet altijd het recht om op geen enkele wijze medewerking te verlenen aan het verkrijgen van voor hem mogelijk bezwarend bewijsmateriaal. Medewerking is niet verplicht als die medewerking zijn recht om te zwijgen en daarmee zijn recht om zichzelf niet te belasten van zijn betekenis zou ontdoen.
HR 09-02-21, ECLI:NL:HR:2021:202 (met verwijzing naar en bespreking van EHRM 11-07-06, NJ 2007/226: Jalloh tegen Duitsland) (met noot Reijntjes in NJ 2021/120).

3.17  Gevolgen niet opmaken pv of opsporing niet volledig vermelden in pv

Opsporingsambtenaren mogen het opmaken van een pv uitsluitend achterwege laten 'indien hetgeen door hen tot opsporing is verricht of bevonden redelijkerwijs niet van belang kan zijn voor enige door de rechter in het eindonderzoek te nemen beslissing. In gelijke zin geldt dat, indien wel een pv wordt opgemaakt, het de ambtenaar slechts vrijstaat daarin vermelding achterwege te laten van hetgeen door hem tot opsporing is verricht of bevonden, voor zover die verrichtingen of bevindingen redelijkerwijs niet van belang kunnen zijn voor enige door de rechter te nemen beslissing'. Geen rechtsgevolgen omdat de in hoger beroep aan het dossier toegevoegde ‘geweldsrapportage’, alsnog ter kennis is gekomen van de verdediging.
HR 13-07-21, ECLI:NL:HR:2021:1125.

3.25  Nekklem: strafuitsluitingsgrond wettelijk voorschrift politieambtenaar (art. 42 Sr)
Nekklem was geen onaanvaardbaar middel om aanhouding tot stand te brengen, te vergemakkelijken of te bespoedigen. Een nekklem die tot bloedverwurging leidt moet binnen enkele seconden het beoogde effect hebben, als de klem niet goed is aangelegd treedt dat effect niet op. Het risico dat schade wordt veroorzaakt is nadrukkelijk aanwezig. Bevoegdheid toepassing nekklem overschreden door deze krachtige nekklem te lang voort te zetten (gedurende tenminste 75 seconden), waardoor in strijd is gehandeld met de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit. De HR nam hierbij mede in aanmerking dat nog 4 agenten bezig waren met het onder controle brengen van het slachtoffer die tijdens de toepassing van de nekklem op zijn buik lag.
HR 16-02-21, ECLI:NL:HR:2021:211 (met noot Reijntjes in NJ 2021/130).

3.27  Bewijswaarde herkenning

-      Bij de beoordeling van herkenningen staat steeds voorop dat de bepaling van de waarde en betekenis ervan in een brede context plaatsvindt.
Hof Amsterdam 20-07-20, ECLI:NL:GHAMS:2020:3994.

-      Niet duidelijk was uit welke hoedanigheid verbalisant de verdachte kende, laat staan hoe goed hij de verdachte kende of hoe vaak hij met verdachte in contact was gekomen.
Hof Amsterdam 24-06-21, ECLI:NL:GHAMS:2021:2038.

-      Enkelvoudige fotoconfrontatie heeft een zwakkere bewijskracht omdat een keuzemogelijkheid ontbreekt en ze suggestief kunnen zijn. Een meervoudige fotoconfrontatie kan meer bewijskracht hebben en verdient daarom vrijwel altijd de voorkeur. OM moet zorgen dat fotoconfrontaties zo zorgvuldig mogelijk worden uitgevoerd. 
Rb Midden-Nederland 23-11-21, ECLI:NL:RBMNE:2021:5651.

4.31  Uiterste terughoudendheid bij toepassing vh

Hof 's-Hertogenbosch 18-03-21, ECLI:NL:GHSHE:2021:910 (onder verwijzing naar jurisprudentie EHRM, waaronder Hasselbaink tegen Nederland, EHRM 09-02-21, met noot Myjer in NJ 2021/94).

4.44  Huiselijk geweld

         Verplichtingen overheid.
EHRM, NJ 2021/382 (met omvangrijke noot Myjer )(Kurt/Oostenrijk).

5.3    Identificatiefouillering / onderzoek voorwerpen

Uit het dossier bleek niet waarom het noodzakelijk was om de tas van de verdachte in het openbaar te doorzoeken. Omdat het een geringe inperking van het recht op privacy betrof, werden aan het vormverzuim geen gevolgen verbonden.
Hof Amsterdam 15-06-21, ECLI:NL:GHAMS:2021:1784.

6.6    Verbeurdverklaring Youtubekanaal en -trofee

         Rb Overijssel 29-11-21, ECLI:NL:RBOVE:2021:4469.

6.18  Toepassingsbereik art. 36e lid 3 Sr

'De strafbare feiten die tot het voordeel hebben geleid hoeven niet te worden geconcretiseerd en evenmin hoeft te worden vastgesteld dat de betrokkene als (mede)dader van die feiten kan worden aangemerkt. Dat er sprake is geweest van enig, niet nader aan te duiden strafbaar feit in een bepaalde periode, wordt duidelijk gemaakt aan de hand van een vermo­gens­vergelijking, of in eenvoudiger vorm zoals hier het geval is, een eenvoudige kasopstelling. Als daarmee aannemelijk is gemaakt dat er sprake is geweest van kasgeld waarvoor geen legale verklaring kan worden gevonden, is dat voldoende om op grond daarvan te kunnen aannemen dat dit geld uit enig misdrijf afkomstig is'.

         Hof Amsterdam 29-01-21, ECLI:NL:GHAMS:2021:232.

6.20  Wederrechtelijk verkregen voordeel

-      Rekening houden met draagkracht bij vaststellen ontnemingsbedrag.
HR 16-03-21, ECLI:NL:HR:2021:376.

-      De opvatting dat contante stortingen wederrechtelijk voordeel vormen omdat die stortingen voorwerp waren van witwassen is onjuist.
HR 05-10-21, ECLI:NL:HR:2021:1444 en HR 06-07-21, ECLI:NL:HR:2021:1077.

6.35  Verschoningsrecht: telefoon in bewaring geven aan advocaat
Het in bewaring geven van een telefoon aan een advocaat heeft niet zonder meer tot gevolg dat alle in die telefoon opgeslagen gegevens geheimhouderinformatie worden. Verschoningsgerechtigde kan dus niet als een kluis fungeren waarin de cliënt alle denkbare informatie kan opslaan.
HR 09-02-21, ECLI:NL:HR:2021:193 (met noot Kooijmans in NJ 2021/119).

6.42  Biometrisch ontgrendelen smartphone verdachte
Het samenstel van wettelijke bepalingen waarop de bevoegdheid tot ibn is gebaseerd, geeft ook de bevoegdheid tot het verschaffen van toegang tot een in beslag genomen smartphone van verdachte door het door middel van fysieke dwang plaatsen van diens duim op de vingerafdruk­scan­ner van de smartphone. Deze fysieke dwang levert slechts een geringe inbreuk op de lichamelijke integriteit van de verdachte op en is niet in strijd met het verbod op zelfincriminatie.
HR 09-02-21, ECLI:NL:HR:2021:202 (met noot Reijntjes in NJ 2021/120).

6.42  Door RC aan te geven beperkingen aan onderzoek inbeslaggenomen gegevensdrager
Door RC zal moeten worden bepaald of wel of niet beperkingen aan dat onderzoek worden verbonden.
Hof Den Haag 27-08-21, ECLI:NL:GHDHA:2021:1873.

9.10  Geen burgerpseudokoop (terugkoop gestolen fiets) (art. 126ij Sv)
'Het initiatief tot verkoop is genomen door de verdachte zelf door de gestolen fiets op [website] aan te bieden. Het initiatief tot het terugvinden, en daarmee het eerste initiatief tot de terugkoop, van zijn gestolen fiets is genomen door de aangever die naar zijn fiets heeft gezocht op [website] en die fiets daar ook vond. Pas daarna heeft hij aangifte gedaan en nadien nogmaals telefonisch contact opgenomen met de politie. De bemoeienis van de politie is beperkt gebleven tot het advies een afspraak te maken met de aanbieder en, nadat de aangever een afspraak had gemaakt, de aangever daarbij volgens een daarvoor afgesproken plan van aanpak te vergezellen, teneinde de verdachte te kunnen aanhouden. Niet gebleken is dat de politie, anders dan het geven van een advies om een afspraak te maken, inhoudelijk betrokken is geweest bij het maken van die afspraak. Art. 126ij Sv is op deze situatie niet van toepassing (...)'.
Hof Amsterdam 25-10-21, ECLI:NL:GHAMS:2021:3180.

9.11  Undercover stelselmatig inwinnen van informatie

Onder art. 126j Sv valt ook het onder strikte voorwaarden undercover stelselmatig inwinnen van informatie door contacten met de verdachte zelf en is niet uitgesloten ten aanzien van een verdachte die van zijn vrijheid is beroofd en zich bijv. in vh bevindt. Van belang voor beoordeling van de verklaringsvrijheid is ook de persoon van de verdachte, bijv. een kwetsbare verdachte (een jeugdige verdachte of een verdachte met een psychische stoornis of een verstandelijke beperking). 'De persoon van de verdachte kan in het bijzonder van belang zijn bij de beoordeling van de mate van druk die van de door een niet als zodanig kenbare opsporingsambtenaar ondernomen activiteiten jegens de verdachte kan zijn uitgegaan, en de mate waarin de handelingen en gedragingen van de opsporingsambtenaar tot de betreffende verklaringen van de verdachte hebben geleid'. Handelen in strijd met vorenstaande dient tot uitsluiting van de verkregen verklaringen te leiden.
HR 22-06-21, ECLI:NL:HR:2021:947 (kwetsbare verdachte).

9.14  Art. 126n Sv: uitleg Europese Richtlijn 2002/58/EG (Prokuratuur)

-      Toegang tot een reeks verkeers- en locatiegegevens waaruit precieze conclusies kunnen worden getrokken over de persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen in het kader van een strafrechtelijk onderzoek mag alleen worden verleend als het gaat om een procedure tot bestrijding van zware criminaliteit en ter voorkoming van ernstige bedreigin­gen van de openbare veiligheid. Dit geldt ongeacht de duur van de periode waarvoor om toegang tot dergelijke gegevens wordt verzocht en ongeacht de hoeveelheid en de aard van de gegevens.
De autoriteit die de toestemming voor de toegang tot de gegevens verleent moet objectief en onpartijdig en zonder beïnvloeding van buitenaf haar werk kunnen verrichten en dat is niet de OvJ (maar wel een rechter).
HvJ-EU 02-03-21, ECLI:EU:C:2021:152.

-      Normering vordering verkeers- en locatiegegevens. In de praktijk is onduidelijkheid ontstaan over de misdrijven bij verdenking waarvan verkeers- en locatiegegevens kunnen worden gevorderd en over de procedure die in dat geval dient te worden gevolgd. Omvangrijke bespreking Prokuratuur-arrest.
Conclusie PG, ECLI:NL:PHR:2021:1179. 

9.14  Art. 126n Sv: rechtspraak n.a.v. HvJ-EU

-      Voornoemd arrest van HvJ-EU beperkt zich niet tot verkeers- en locatiegegevens die op grond van een wettelijke bewaarplicht door de aanbieder worden bewaard. Het arrest ziet dus ook op de gegevens die telecombedrijven bewaren in verband met bedrijfsdoeleinden.
Hof Den Haag 20-07-21, ECLI:NL:GHDHA:2021:1588.

-      De vordering 'werd gedaan in het kader van een strafrechtelijk onderzoek naar meerdere, omvangrijke winkeldiefstallen in georganiseerd verband en ziet niet alleen op verdenkingen van diefstal en heling maar ook van deelneming aan een criminele organisatie. Dit zijn strafbare feiten waarop een gevangenisstraf van vier jaar of meer is gesteld, waarvoor vh is toegelaten en die in combinatie met elkaar een ernstige inbreuk maken op de rechtsorde'.
Hof Den Haag 20-07-21, ECLI:NL:GHDHA:2021:1588.

-      Vordering gegevensverstrekking art. 126n Sv in strijd met richtlijn. Aannemelijk dat rechter hoogst waarschijnlijk wel een machtiging zou hebben verleend. Strafkorting.
Hof Arnhem-Leeuwarden 28-06-21, ECLI:NL:GHARL:2021:6245.

-      Vordering door OvJ (i.p.v. rechter).
Volstaan werd met constatering vormverzuim
Hof 's-Hertogenbosch 01-11-21, ECLI:NL:GHSHE:2021:3273.

-      Verkregen historische gegevens beslaan slechts een beperkte tijdsspanne, geen min of meer compleet beeld van privéleven verkregen. Aan­nemelijk is dat de RC toestemming zou hebben gegeven voor het doen van de vorderingen ex art. 126m Sv. Volstaan werd met vaststel­ling vormverzuim.
Rb Rotterdam 30-04-21, ECLI:NL:RBROT:2021:3905.

-      Inzet RC.
Rb Den Haag, ECLI:NL:RBDHA:2021:5558.

-      Het uitlezen van een mobiele telefoon van verdachte valt buiten het bereik van uitspraak (zie daarover nog wel 6.42: onderzoek van in beslag genomen voorwerpen).
Rb Noord-Nederland 13-07-21, ECLI:NL:RBNNE:2021:2910.

11.3  Etnisch profileren

Betreft 'het gebruik door overheidsinstanties van criteria als ras, huidskleur, taal, religie, nationaliteit of nationale of etnische afkomst bij de uitoefening van toezichts-, handhavings- en opsporingsbevoegdheden, zonder dat daarvoor een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat. In het kader van een opsporingsonderzoek naar aanleiding van een strafbaar feit kan het onder omstandigheden functioneel zijn om daarbij etnische kenmerken van de dader te betrekken. Te denken valt bijv. aan het geval waarin een getuige etnische kenmerken heeft opgegeven bij een beschrijving van de dader. Dit maakt iemand die die kenmerken heeft nog niet tot verdachte, maar kan wel andere personen uitsluiten als verdachte. Het gebruik van etnische kenmerken is in zoverre niet omstreden. Dat ligt anders als het gaat om het gebruik van etnische kenmerken bij selectiekeuzes tijdens de algemene handhaving van de openbare orde, bij het gebruik van controlebevoegdheden op basis van bijv. de WVW of in risicoprofielen'.
Conclusie PG, ECLI:NL:PHR:2021:776.

11.3  Etnisch profileren door de KMar bij Vreemdelingentoezicht en Mobiel Toezicht Veiligheid (MTV)
In betreffende geval geen discriminatie.
Rb Den Haag 22-09-21, ECLI:NL:RBDHA:2021:10283.

11.5  Controle of opsporing (Awb en APV’s / inbrekerswerktuigen)
Stilhouden auto en vorderen inzage bescheiden op grond van art. 5:19 Awb n.a.v. eerdere woninginbraken kon uitsluitend worden aangemerkt als opsporing (en kon dus niet gebaseerd worden op de Awb). Vanwege het structureel karakter van dit verzuim en omdat de verantwoordelijke autoriteiten zich onvoldoende hadden ingespannen om dit te voorkomen, werd het aldus verkregen bewijs niet gebruikt.
Hof Amsterdam 30-04-21, ECLI:NL:GHAMS:2021:1262 (na verwijzing door HR 30-06-20, ECLI:NL:HR:2020:1155).

11.16  Overschrijding termijn bloedafname (art. 12 lid 3 Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer)
Geen strikte waarborg.
HR 20-04-21, ECLI:NL:HR:2021:622.

11.16  Overschrijding termijn verrichten bloedonderzoek (art. 16 lid 1, Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer)
Geen strikte waarborg.
Hof Arnhem Leeuwarden 02-02-21, ECLI:NL:GHARL:2021:949.

11.16  Weigering medewerking ademonderzoek

         Bij vermoeden weigering medewerking ademonderzoek dienen in het pv de concrete omstandigheden verwerkt te worden (waaronder het gedrag van verdachte) waaruit kan worden afgeleid dat verdachte het ademonderzoek opzettelijk heeft geweigerd.

         Hof Arnhem-Leeuwarden 20-09-21, ECLI:NL:GHARL:2021:9044.

11.22        Onderzoek kleding Opiumwet

Het op 24-07-18 aantreffen van pony packs en telefoons en het op 03-09-18 aantreffen van cash geld en een weegschaal levert geen voortduren­de verdenking op die een staandehouding en een daaropvolgende fouillering aan de kleding in het kader van de Opiumwet op 04-09-18 rechtvaardigt. Dat bij de fouillering verdovende middelen werden aangetroffen, maakt niet dat met terugwerkende kracht sprake was van een gerechtvaardigd vermoeden van schuld.
Rb Amsterdam 07-07-21, ECLI:NL:RBAMS:2021:3453.

11.22        Inhoud bagage vliegreis (Opiumwet)

Op grond van algemene ervaringsregels geldt als uitgangspunt dat wanneer men als passagier bij een (intercontinentale) vliegreis bagage met zich voert, men met de inhoud daarvan bekend is.
Hof Amsterdam 26-05-21, ECLI:NL:GHAMS:2021:1595. Zie ook Hof Amsterdam 05-10-21, ECLI:NL:GHAMS:2021:2853.

11.32  Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften       

-      Verzamelen/verwerken/opslaan van tot kentekenhouders herleidbare gegevens en foto's door flitspalen toegestaan.
Hof Arnhem-Leeuwarden 20-10-21, ECLI:NL:GHARL:2021:9905.

-      Ook in privétijd is een ambtenaar in de zin van de WAHV bevoegd om een sanctie op te leggen voor een geconstateerde gedraging. Dat de ambtenaar in privétijd was, is niet voldoende om te concluderen dat zich geen reële mogelijkheid tot staandehouding heeft voorgedaan. Echter, de ambtenaar reed op het moment van de gedraging in zijn privévoertuig. Een dergelijk voertuig is niet uitgerust met voorzieningen om een stopteken te geven. Aldus geen reële mogelijkheid tot staandehouding. De ambtenaar mocht volstaan met het bekeuren op kenteken.
Hof Arnhem-Leeuwarden 13-07-21, ECLI:NL:GHARL:2021:6753.

-      Ook een andere ambtenaar dan degene die de gedraging heeft vastgesteld, mag de bestuurder staande houden.
Hof Arnhem-Leeuwarden 01-06-21, ECLI:NL:GHARL:2021:5274.

-      Bij ongeregeldheden kan een ambtenaar die met de handhaving van de openbare orde is belast er ter voorkoming van escalaties in redelijkheid voor kiezen om de bestuurder niet staande te houden, maar de sanctie aan de kentekenhouder op te leggen.
Hof Arnhem-Leeuwarden 16-06-21, ECLI:NL:GHARL:2021:5921.

-      Bij een gerichte controle op een veelvoorkomende overtreding kan ervoor worden gekozen staandehouding van de bestuurders in het belang van de effectiviteit van de handhaving achterwege te laten.
Hof Arnhem-Leeuwarden 21-06-21, ECLI:NL:GHARL:2021:6058.

 

Herschreven paragrafen

4.4    Ontdekking heterdaad / buiten heterdaad.

4.23  Aansluitende ivs.

4.33  Gronden vh (vluchtgevaar, geschokte rechtsorde).

6.9    Bevoegdheden opsp. ambt. (art. 95 t/m 96b, 102a en 551 Sv).

6.10  Bevoegdheden (hulp)OvJ (art. 96c, 97 en 100 t/m 102a Sv).

11.16  Overige jurisprudentie rijden onder invloed.

11.19  WWM: onderdeel doorzoeken.

 

Nieuwe paragraaf

3.26  Geweld/dwang bij toepassing dwangmiddelen.

11.33  Wet dieren.



Inhoudsopgave

 

Voorwoord    3

Overzicht verwerkte actualiteiten 5

Gebruikte literatuur 20

Gebruikte afkortingen         21

 

1         De hulpOvJ 22

1.1      Aanwijzing hulpOvJ’s         22

1.2      Niet (meer) gecertificeerd hulpOvJ          23

1.3      Functie en taken      23

1.4      Territoriale bevoegdheid van de hulpOvJ           25

1.5      Bevoegdheden/verplichtingen hulpOvJ  25

1.6      Praktische tips voor hulpOvJ        27

1.7      Praktische tips voor contacten met OvJ 27

1.8      Zakboek Sr hulpOvJ en zakboek SvSr opsp. ambt.     28

 

2         De verdachte          30

2.1      Definiëring begrip verdachte         30

2.2      Anonieme info gebruiken voor opsporing (MMA, CI, AIVD, enz.)     31

2.3      Overige jurisprudentie verdachte / verdenking  38

2.4      Collectieve verdenking       46

2.5      Het Wetboek van Strafrecht (Sr)  47

2.6      Rechtsbijstand verdachte  47

2.7      Recht op vrij verkeer/beperking    61

2.8      Verhoor verdachte   62

2.9      Verklaringen tijdens onrechtmatige vrijheidsberoving  71

2.10    Tolk en vertaling (verdachte/getuige/aangever)            72

2.11    Proceshouding verdachte (liegen/zwijgen)        74

2.12    Hypnose/leugendetector/narcoanalyse/paragnost/enz.          78

2.13    Verhoor verdachte als getuige / gebruik verklaring verdachte           78

2.14    Processtukken en recht op inzage          79

2.15    Jeugdige verdachten          80

2.16    Sociale bewaring / spoedmachtiging minderjarige       83

2.17    HALT  83

2.18    Onschuldbeginsel / zelfincriminatie / plichten verdachte         83

2.19    Medische verzorging verdachte   85

2.20    Vroeghulp door reclasseringswerker       86

2.21    Het slachtoffer          86

 

3         Dwangmiddelen algemeen         87

3.1      Inleiding dwangmiddelen   87

3.2      Opsporen / vervolgen / stuiten verjaring 89

3.3      Dwangmiddelen en toestemming 90

3.4      Dwangmiddelen en fundamentele rechten (verdragen/grondwet)    92

3.5      Beginselen van behoorlijk strafprocesrecht       92

3.6      Subsidiariteit en proportionaliteit  93

3.7      Onrechtmatig optreden opsp. ambt. /onrechtmatig bewijs      93

3.8      De Nationale ombudsman (N.o.)  94

3.9      Vormverzuimen / onrechtmatig bewijs (art. 359a Sv / 6 EVRM)        94

3.10    Alleen vaststelling vormverzuim   102

3.11    Strafvermindering    102

3.12    Bewijsuitsluiting       103

3.13    Niet-ontvankelijkverklaring OM     105

3.14    Onrechtmatig in buitenland verkregen bewijs    107

3.15    Gevolgen van door burgers onrechtmatig verkregen bewijs  108

3.16    Afschermen gehanteerde opsporingsmethoden           108

3.17    Het pv 109

3.18    Verschoningsgerechtigden            111

3.19    Verschoningsrecht na verhoor bedreigde/afgeschermde getuige     117

3.20    Geheimhoudingsplicht en getuigplicht    117

3.21    Gebruik getuigenverklaring na niet wijzen op verschoningsrecht      117

3.22    Ordehandhaving tijdens ambtsverrichtingen (art. 124 Sv)      118

3.23    Herhaalde toepassing dwangmiddelen / hervatting vervolging          121

3.24    Ambtsinstructie politie, KMar en andere opsporingsambtenaren      123

3.25    Geweldsaanwending door politie/KMar/Boa; klacht niet vervolging  124

3.26    Geweld/dwang bij toepassing dwangmiddelen 139

3.27    Confrontatie / identificatie / herkenning  139

3.28    Diplomatieke/staatsrechtelijke onschendbaarheid/immuniteit            148

3.29    Legitimatieplicht ambtenaar          148

3.30    Schadevergoeding voor politieoptreden 149

3.31    Wet op de identificatieplicht (Wid)           151

3.32    Ernstige bezwaren (art. 56 en 67 lid 3 Sv en 9 Opiumwet)     158

3.33    Internationale rechtshulp   158

3.34    Gegevensverstr. uit pers. registr. (AVG/Wpg/Wjsg/enz.)        159

3.35    Optreden op basis van art. 3 Politiewet 2012    168

3.36    Toegang/onderzoeken/doorzoeken voertuig     173

3.37    Klachten over politieoptreden       181

3.38    Sorteer/geuridentificatieproef        181

3.39    Territoriale bevoegdheid van de opsporingsambtenaar          182

3.40    Voorlichting en opsporingsberichtgeving            182

3.41    CI en TCI      184

3.42    Afzien opsporing vanwege beperkte capaciteit / art. 12 Sv    185

3.43    Toezegging door opsporingsambtenaar 185

3.44    Schade/letsel/dood door niet (tijdig) ingrijpen politie    186

3.45    Filmen/fotograferen burgers, verdachte, opsporingsambtenaar        186

3.46    Termijnen      188

3.47    Spraak/stemherkenning/sprekeridentificatie      190

3.48    Gebruik foto verdachte uit paspoort/rijbewijsadministratie      191

3.49    Videoconferentie (televoorgeleiding/telehoren) 191

3.50    Opsporingsbevoegdheid KMar     192

3.51    Optreden inlichtingen-, veiligheids-, en opsporingsdiensten  193

3.52    Aanwijzingen/richtlijnen/instructies v/h College van PG’s       194

3.53    Algemene verbeterpunten/kennelijke misstanden        195

3.54    Kraken           195

3.55    Opsporingsambtenaar in vrije tijd 198

 

4         Dwangmiddelen persoonlijke vrijheid 200

4.1      Recht op vrijheid, art. 3 Politiewet 2012, rechtvaardigingsgrond, Aanwijzing         200

4.2      Staande houden      200

4.3      Aanhouden, algemeen       202

4.4      Ontdekking heterdaad / buiten heterdaad          206

4.5      Aanhouding heterdaad       208

4.6      Aanhouding buiten heterdaad       209

4.7      Misdrijven waarvoor vh is toegelaten      212

4.8      Betreden plaatsen ter aanhouding / toegang en doorgang     215

4.9      Doorzoeken plaatsen ter aanhouding     215

4.10    Tabellen aanhouding          218

4.11    Voorgeleiding           218

4.12    Afzien van voorgeleiding   222

4.13    Ophouden voor onderzoek            222

4.14    Ophouden ter identificatie 226

4.15    Ivs: wettekst, algemeen, plaats, voor ander feit dan aangehouden  227

4.16    Voorwaarden voor ivs (vh-feit en onderzoeksbelang)  229

4.17    Onderzoeksbelang voor ivs           229

4.18    Ivs: bevoegdheid, start, duur, kort geding, verlenging, schema        232

4.19    Bevel tot ivs  233

4.20    Ivs: verhoor verdachte, opmaken pv, bijstand raadsman        234

4.21    Ivs benutten voor ander feit dan waarvoor ivs bevolen           235

4.22    Einde ivs; ZSM         235

4.23    Aansluitende ivs      236

4.24    Tweemaal ivs ter zake hetzelfde feit       237

4.25    Rechtspositie ingeslotene en in verzekering gestelde 237

4.26    In kennis stellen familie, enz. / bezoek verdachte        238

4.27    Rechtmatigheidstoetsing ivs door de RC           239

4.28    Maatregelen in belang onderzoek of orde          243

4.29    Tabel ivs       248

4.30    Tabellen staande houden t/m verlenging ivs     249

4.31    Vh: algemeen, voorwaarden, ingangstijdstip, duur, enz.         249

4.32    Misdrijven waarvoor vh mogelijk is          251

4.33    Gronden vh   251

4.34    Ibs      260

4.35    Gevangenhouding en gevangenneming 262

4.36    Vh: schorsing/aanhouden/voorgeleiden 263

4.37    Uitbreiding gev. houding; verstreken duur gev. houding/neming      265

4.38    Waterdichte schottentheorie         265

4.39    Aanhouden veroordeelde bij niet naleven voorwaarde(n)       266

4.40    Aanhouden overtreder gebieds/contactverbod/meldplicht      266

4.41    Aanhouden voorwaardelijk invrijheidgestelde    266

4.42    Vrijheidsbeperkende middelen (art. 7 Politiewet 2012)           267

4.43    Bestuurlijke ophouding       267

4.44    Huiselijk geweld / kindermishandeling / Wet tijdelijk huisverbod       268

4.45    Bevel/gedragsaanwijzing burgemeester/OvJ    270

4.46    Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding 272

4.47    Tabellen vh   273

 

5         Dwangmiddelen lichamelijke integriteit         277

5.1      Overzicht, ibn, toestemming         277

5.2      Onderzoek kleding en lichaam (opsporingsfouillering) 278

5.3      Identificatiefouillering / onderzoek voorwerpen 283

5.4      Veiligheidsfouillering kleding / onderzoek voorwerpen 285

5.5      Vervoers- en insluitingsfouillering / onderzoek voorwerpen    287

5.6      DNA-onderzoek       291

5.7      Besluit en regeling DNA-onderzoeken    296

5.8      Overige jurisprudentie DNA-onderzoeken          296

5.9      Onderzoek besmettelijke ernstige ziekte            300

5.10    Ibn van bij fouillering aangetroffen voorwerpen 303

5.11    Waarschuwing         303

5.12    Handboeien  303

5.13    Identiteitsvaststelling verdachten, veroordeelden en getuigen          304

5.14    Middelenonderzoek geweldplegers         306

5.15    Tabellen dwangmiddelen lichamelijke integriteit           310

 

6         Dwangmiddelen voorwerpen     312

6.1      Steunbevoegdheden, definitie ibn, geweld, pv, strafbepalingen, enz.         312

6.2      Voorwaarden ibn     313

6.3      Klassiek beslag: de vatbaarheid   314

6.4      Waarheidsvinding strafbaar feit    314

6.5      Waarheidsvinding wederrechtelijk verkregen voordeel           314

6.6      Verbeurdverklaring  315

6.7      Onttrekking aan het verkeer          316

6.8      Klassiek beslag: de bevoegdheid 318

6.9      Bevoegdheden opsp. ambt. (art. 95 t/m 96b, 102a en 551 Sv)         319

6.10    Bevoegdheden (hulp)OvJ (art. 96c, 97 en 100 t/m 102a Sv) 327

6.11    Plaatsen doorzoeking art. 96c Sv en 97 Sv       332

6.12    Ibn tijdens schouw   332

6.13    Maatregelen ter gelegenheid van doorzoeking of schouw      333

6.14    Beslagvoegdheden RC      333

6.15    Overige jurisprudentie ibn 337

6.16    Tabel klassiek beslag         340

6.17    Hoofdlijnen ontnemingswetgeving / Aanwijzing afpakken       341

6.18    Toepassingsbereik art. 36e Sr      342

6.19    Ontneming: bewijsvoering, bewijsmiddelen en bewijskracht  344

6.20    Schatting voordeel, kosten, matiging, rechten benadeelde    346

6.21    Kenbaar maken sfo / termijn vordering ontneming / heropening       349

6.22    Voorwaarden conservatoir beslag           349

6.23    Conservatoir beslag: de vatbaarheid (art. 94a Sv)       349

6.24    Conservatoir beslag: de bevoegdheid    351

6.25    Conservatoir beslag krachtens incidentele machtiging RC     351

6.26    Sfo en (beslag)bevoegdheden (inclusief doorzoeking) tijdens sfo    352

6.27    Uiterste moment leggen conservatoir beslag    354

6.28    Overige jurisprudentie ontneming/conservatoir beslag            354

6.29    Tabel conservatoir beslag 356

6.30    Onderzoek naar vermogen veroordeelde           356

6.31    Vormvoorschriften ibn        357

6.32    Voorwerpen, zaken en vermogensrechten        357

6.33    Ibn in woning (art. 99 Sv)   358

6.34    Bijstand raadsman tijdens doorzoeking (art. 99a Sv)  359

6.35    Beslag/doorzoeken en verschoningsrecht (art. 98 en 125l Sv)         360

6.36    Kennisgeving ibn en ontvangstbewijs (art. 94 lid 3 Sv)           365

6.37    Beslag: beëindiging, bewaring en beklag           365

6.38    Strafbepalingen beslag      369

6.39    Ibn in het kader van de Politiewet 2012  369

6.40    Toegang/onderzoeken/doorzoeken/doorgang   370

6.41    Heimelijke ibn           373

6.42    Onderzoek van in beslag genomen voorwerpen          374

6.43    Tabellen ibn en doorzoeken ter ibn / vastlegging gegevens   378

6.44    Stappenschema ibn            382

6.45    Stappenschema doorzoeken ter ibn Sv  383

 

7         Dwangmiddelen plaatsen           384

7.1      Huisrecht, steunbevoegdheid, plaats binnentreden, strafbepalingen, het pv          384

7.2      Algemene wet op het binnentreden (Awbi), inleiding   385

7.3      Wettekst Awbi met bespreking     385

7.4      Plaats/woning/home           395

7.5      Meerdere woningen in één pand  399

7.6      Betreden/binnentreden      400

7.7      Bewoner(s)   401

7.8      Toestemming, meerdere bewoners, toestemming intrekken  401

7.9      Binnentreden en voortgezette toepassing van bevoegdheden          402

7.10    Binnentreden ter hulpverlening (art. 7 lid 2 Politiewet 2012)  403

7.11    Proportionaliteit bij binnentreden  404

7.12    Binnentreden op basis van Sv en bijzondere wetgeving         404

7.13    Schriftelijke machtiging binnentreden: jurisprudentie   406

7.14    Overige jurisprudentie binnentreden       409

7.15    Gemeentewet           411

7.16    Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) 411

7.17    Wet veiligheidsregio’s (brandweer/geneeskundige hulp/enz.)           414

7.18    Tabellen dwangmiddelen plaatsen          416

 

8         Onderzoekshandelingen door de RC  420

8.1      RC      420

8.2      Onderzoek door RC            421

8.3      Bevoegdheden RC  422

8.4      Hoger beroep tegen beslissing RC          423

 

9         Bijzondere opsporingsbevoegdheden           424

9.1      Inleiding bijzondere opsporingsbevoegdheden 424

9.2      Centrale toetsingscommissie OM (CTC) 426

9.3      Overzicht bijzondere opsporingsbevoegdheden           427

9.4      Onderscheid en keuzemogelijkheid tussen titel IVa, V en Vb 428

9.5      Gehanteerde begrippen bijzondere opsporingsbevoegdheden         429

9.6      Stelselmatige observatie    430

9.7      Stelselmatige observatie: tabel (titel IVa en V)  435

9.8      Stelselmatige observatie: jurisprudentie 435

9.9      Infiltratie        441

9.10    Pseudokoop en pseudodienstverlening  443

9.11    Undercover stelselmatig inwinnen van informatie        447

9.12    Betreden/bevoegdheden besloten plaats (inkijken)     449

9.13    Opnemen van vertrouwelijke communicatie      451

9.14    Onderzoek communicatie via geautomatiseerde werken        455

9.15    Tabel tappen (titel IVa en V)         466

9.16    Overige jurisprudentie tappen       466

9.17    Onderzoek in geautomatiseerd werk      471

9.18    Vorderen gegevens 473

9.19    Stelselmatige info-inwinning door burger           494

9.20    Opsporing terroristisch misdrijf (titel Vb) / bijstand burger (titel Vc)  495

9.21    Voeging bij processtukken (art. 126aa Sv)        501

9.22    Bijzondere opsporingsbevoegdheden en verschoningsrecht 504

9.23    Kennisgeving aan betrokkene (notificatie) (art. 126bb Sv)     507

9.24    Bewaring, vernietiging en gebruik voor ander doel (art. 126cc Sv)   508

9.25    Verbod doorlaten (art. 126ff Sv)   510

9.26    Verkennend onderzoek (art. 126gg Sv)  511

9.27    Afscherming 512

9.28    Opsporingsambtenaar als ‘stand-in’        513

9.29    Opsporingsonderzoek op internet / social media          514

9.30    Drones           516

9.31    Vastleggen en bewaren van kentekengegevens (art. 126jj Sv)         516

 

10       Overige bevoegdheden uit Sv   518

10.1    Doorzoeking ter vastlegging gegevens, enz. (art. 125i e.v. Sv)        518

10.2    Schouw         521

10.3    Beëdiging opsporingsambtenaar door een hulpOvJ    521

10.4    Aangifte / klacht / vervolgingsuitsluitingsgrond  521

10.5    Geen enkel zedenmisdrijf is klachtmisdrijf / horen minderjarige        528

10.6    Benoemen deskundigen    529

10.7    Rechterlijke bevelen tot handhaving openbare orde    529

10.8    Tenuitvoerlegging rechterlijke beslissingen / binnentreden    529

 

11       Bijzondere wetten 535

11.1    Inleiding / toezicht versus opsporing       535

11.2    Algemene wet bestuursrecht (Awb): toezicht en bestuursdwang      535

11.3    Samenloop toezicht (controle) met opsporing   544

11.4    Misbruik of voortgezette toepassing van bevoegdheden        546

11.5    Awb en APV’s: inbrekerswerktuigen       548

11.6    Stilhoudingsvordering toezichthouder / art. 82 RVV / 12 WVW 1994           556

11.7    Art. 8, 158 t/m 160, 163 en 169 WVW 1994      557

11.8    Besluit en regeling alcohol, drugs en geneesmiddelen in verkeer    564

11.9    Rijverbod       564

11.10  Invordering rijbewijs op grond van art. 164 WVW 1994          565

11.11  Invordering rijbewijs op grond van art. 130 WVW 1994          567

11.12  Defect ademonderzoek-apparaat 570

11.13  Tegenonderzoek en kosten tegenonderzoek    570

11.14  WVW: bloedproef/afname na overlijden 570

11.15  Bestuurder / poging / aanstalten maken 570

11.16  Overige jurisprudentie rijden onder invloed        572

11.17  Varen, vliegen en besturen spoorvoertuig onder invloed        579

11.18  Art. 6 WVW 1994 (dood/letsel door schuld in verkeer) en vh 580

11.19  WWM 583

11.20  Overige jurisprudentie WWM        596

11.21  Opiumwet     597

11.22  Overige jurisprudentie Opiumwet 602

11.23  Coffeeshops 611

11.24  WED   612

11.25  Algemene wet inzake rijksbelastingen en Invorderingswet     615

11.26  Algemene douanewet        615

11.27  Penitentiaire beginselenwet / Beginselenwet just. jeugdinr.   616

11.28  Wet op de lijkbezorging (Wlb) en het Burgerlijk Wetboek       616

11.29  Uitleveringswet (ULW)       620

11.30  Overleveringswet (OLW)   620

11.31  Zorg en dwang / Wet Bopz vervallen      620

11.32  Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften       633

11.33  Wet dieren    639

 

12       Privaatrecht 642

12.1    Inleiding privaatrecht          642

12.2    Eigendom/bezit/houderschap, inleiding  642

12.3    Eigendomsverkrijging         642

12.4    Overdracht (van roerende zaken)            642

12.5    Derdenbescherming in het BW     643

12.6    Goede trouw 644

12.7    Diefstal en derdenbescherming    645

12.8    Diefstal en consumentenkoop      646

12.9    Stappenschema derdenbescherming     646

12.10  Voorbeelden van praktijktoepassing       647

12.11  Waarschuwing         648

12.12  Vinderschap (art. 5:5 t/m 5:12 BW)         648

12.13  Verplichtingen van de vinder (art. 5:5 BW)        649

12.14  Professionele vinders         649

12.15  Recht van retentie   649

12.16  Zaakwaarneming (art. 6:198 t/m 6:202 BW)      652

12.17  Handhaving van straat- en contactverboden     653

12.18  Grondslagen straatverboden        653

12.19  Grondslag politieoptreden bij civielrechtelijk straatverbod      653

12.20  Aandachtspunten civielrechtelijk straatverbod  654

12.21  Strafrechtelijk gevolg handh. civielrechtelijk straatverbod       654

12.22  Civielrechtelijk straatverbod, politie en dwangsom       654

 

Register        655

 

---------------------------------------------------